Selecteer een pagina
Met aandacht lopen | Toegepast Boeddhisme
De uitdagende en meedogende vriend

In de boeddhistisch geïnspireerde visie is het gewenst dat iedereen zich ontwikkelt tot ‘een wakker en meedogend persoon’. In de visie van de vijf stijlen (zie de vijf stijlen) is het gewenst dat iedereen zich ontwikkelt tot ‘een kleurrijk persoon’. Maar ook als het gewenst is, betekent dat niet dat het ook gaat gebeuren. Soms echter helpt het wanneer we een klein zetje krijgen van een vriend. Als we dat zetje geven, zijn we een uitdagende en meedogende vriend. Het is belangrijk te weten wanneer we die steun of dat zetje wel of niet kunnen geven. Daarover gaat deze boeddhistisch geïnspireerde werkwijze.

De uitdagende en meedogende vriend

De uitdagende en meedogende vriend voldoet aan vier kenmerken, namelijk: die ziet helder wie die voor zich heeft, maakt gemakkelijk contact en in staat om iemand met behoud van contact te stimuleren, loopt zelf een boeddhistisch geïnspireerd pad (en is dus zelf regelmatig uitgedaagd) en is in staat de gelegenheden te benutten die zich voordoen. We lichten de vier kenmerken toe.

Helder zien

In de boeddhistisch geïnspireerde visie wordt er vanuit gegaan dat iedereen zich, naast het hebben van een baan, goede relaties, de nodige vaardigheden en dergelijke, kan ontwikkelen tot ‘een geheel persoon’. Die kwaliteit bezitten we allemaal. De uitdagende en meedogende vriend zou daar wellicht een kleine bijdrage aan kunnen leveren. Een belangrijke voorwaarde daarbij is dat de vriend de ander ziet, echt ziet.

Iedereen wil graag gezien worden. Iedereen wil iemand die direct met hem of haar communiceert en niets achterhoudt. Dat maakt immers dat we ons als persoon gezien voelen, gekend. Maar direct gezien worden, en directe feedback krijgen maakt soms ook dat we ons ongemakkelijk voelen. Dat gebeurt omdat we onszelf soms anders zien dan de ander, we onszelf niet altijd in alle situaties even goed inschatten, of onze verwachtingen niet altijd kloppen met hoe dingen werkelijk gaan. Dat hoort erbij. Ons ongemakkelijk voelen is de keerzijde van volledig gezien en gekend worden.

Directe feedback geven als vriend is daarom niet altijd gemakkelijk. Maar, gemakkelijk of niet, het gaat er allereerst om dat we helder zien wie de ander in die specifieke situatie is, helder zien wie we voor ons hebben. Dan kunnen we wellicht een klein zetje geven om de andere te helpen een stapje te maken op een boeddhistisch geïnspireerd pad.

In contact zijn
Het doel van een persoonlijke en boeddhistisch geïnspireerde ontwikkeling is dat we wakker, fris en open zijn, dat we vrij naar de wereld kijken. Dat geldt voor het waarnemen van wat buiten ons is en voor het waarnemen van wat er in onszelf gebeurt. Dat is een andere manier van het beschrijven van een boeddhistische geïnspireerd pad: zowel aandacht hebben voor het innerlijke en het uiterlijke (zie ook de werkwijze van contemplatief observeren). Maar om anderen zover te krijgen dat ze zo’n pad lopen, zullen we die ander soms moeten uitdagen. Nieuwe dingen aanleren vraagt vaak om het afleren van oude patronen. Dat is net zoals geverfd hout geschuurd moet worden voordat een nieuwe verflaag opgebracht kan worden. Als het om mensen gaat is dat schuren niet altijd even gemakkelijk, voor niemand niet. Om het uitdagen niet bedreigend te maken, moet de uitdagende en meedogende vriend bij het uitdagen in contact blijven. Uitdagen kan niet vanaf een afstand. Dat gaat niet via de mail. Dat kan alleen in direct contact, dat kan alleen als we meevoelen. Het is niet mogelijk om feedback te geven om daarna te vertrekken en de ander het in zijn eentje verder te laten uitzoeken. We moeten erbij blijven, we moeten verdere vragen beantwoorden, om duidelijk te maken dat we om de ander geven. De rode stijl, zoals op deze website beschreven, sluit hier goed bij aan.

De uitdagende vriend is in eerste instantie niet taakgericht. Het gaat hem of haar in eerste instantie niet om het verbeteren van de efficiency van een bedrijf of het verbeteren van de collegiale verhoudingen. Het gaat er om om iemand te ondersteunen bij een pad, bij het oplossen van die problemen die verdere ontwikkeling belemmeren. Deze opvatting gaat uit van iemands fundamentele gezondheid en intelligentie. We gaan ervan uit dat personen te vertrouwen zijn, dat personen zich willen ontwikkelen. En natuurlijk gaat het over onszelf als uitdagende vriend die zichzelf vertrouwt (zonder zelfoverschatting) en die weet dat we onszelf ook ontwikkelen als we relaties aangaan met anderen. Die weet dat we fouten mogen maken, net zoals anderen dat doen. We zijn vergevingsgezind. Anders werkt het niet.

Zelf een spirituele reis maken, mededogen
Wil de uitdagende vriend anderen uitdagen tot een persoonlijke en boeddhistische geïnspireerde reis, dan moet die zelf eerst een zo’n reis afgelegd hebben en nog steeds afleggen. Anders spreekt die meer vanuit wat die in boeken heeft gelezen of theorieën die die heeft ontwikkeld. De uitdagende vriend moet veel ervaring hebben met uitgedaagd te zijn door anderen. Dan weet hij of zij enigszins wie hij of zij zelf is. Anderen kunnen daarbij helpen. In het boeddhisme wordt gesproken over de spirituele gemeenschap of de sangha, de groep mensen die tezamen de boeddhistisch geïnspireerde reis ondernemen. Die hebben de mogelijkheid om elkaar bij die reis te ondersteunen en elkaar daarin te stimuleren en uit te dagen. Zo’n gemeenschap biedt de gelegenheid om samen met de mede-reizigers door de obstakels heen te werken en die om te vormen. Zo’n gemeenschap is een vruchtbare grond om de aspiraties van ‘gelukkig worden’ of ‘vrij zijn’ toe te passen. In overeenstemming met de leringen van de Boeddha, met de instructies van een leraar, en met het eigen natuurlijke gevoel van mededogen, is het de intentie van een dergelijke gemeenschap om een omgeving te creëren van liefdevolle vriendelijkheid voor en mededogen met medereizigers. Met die houding is het ook mogelijk anderen te helpen. Zie daarvoor ook de boeddhistisch geïnspireerde werkwijzen van liefdevolle vriendelijkheid, mededogen in actie, vrijgevigheid, discipline en geduld.

Gelegenheden benutten
In het leven zijn er talloze situaties die zich lenen om anderen uit te dagen: ruzies; problemen bij samenwerking; tegenvallende resultaten; slechte dagen; ochtendhumeuren; tegenvallende planningen, pech, … Dit gebeurt met name als er een rijke omgeving is: als er veel uitdagingen zijn (en dus teleurstellingen); als dingen niet op voorhand vastliggen en er veel keuzes gemaakt moeten worden (en er dus tegenvallers zijn); als er veel samengewerkt wordt (en collega’s veel minder aardig bleken dan gedacht); als de spanning stijgt (wanneer de deadline niet gehaald dreigt te worden en sommige mensen zich dat niet of nauwelijks aantrekken); bij ernstige ziekte in de familie. In ons en andermans leven zijn er gelegenheden genoeg om mensen te ondersteunen als we goed om ons heen kijken.

Spannend
Een uitdagende en meedogende vriend zijn, is heel spannend. Dat hoort erbij. Maar als het onveilig wordt zijn we te ver gegaan. De balans opzoeken tussen uitdaging en veiligheid is wat de uitdagende vriend voor beide partijen spannend maakt. Vaak is het zo dat, wat in eerste instantie ervaren kan worden als onveilig, kan later toch als goed ervaren worden. Maar het blijft een precair evenwicht.

Achtergrondinformatie

Bij ‘verder lezen’ vind je achtergrondinformatie over de uitdagende en meedogende vriend, gekoppeld aan de relaties tussen de uitdagende leraar en leerling. Of om het breder te trekken: tussen uitdagende coach en student

Achtergrondinformatie: De uitdagende en meedogende vriend

De uitdagende en meedogende vriend

Op internet is weinig te vinden over een uitdagende en meedogende vriend. Er is redelijk wat te vinden over de relatie docent-student of leraar-leerling of de uitdagende docent. Op een bepaalde manier is de vergelijking tussen die uitdagende vriend en de uitdagende leraar wel toepasbaar: de vriend ziet iets wat de ander nog niet ziet en de veronderstelling is dat het in het voordeel van de ander is om dat ook te zien. Dat geldt ook voor de uitdagende leraar. Dat is met name het geval wanneer de relaties docent – leerling meer persoonlijk zijn, zoals in spirituele tradities, of in de traditie van de filosofie, de kunsten of de wetenschappen. Denk bijvoorbeeld aan de relatie tussen Socrates en Plato (filosofen), Sherlock Holmes en Watson (detectives), Goethe en Schopenhauer (literatuur, filosofie), Brahe en Kepler (astronomen), Husserl en Heidegger (filosofen), Maurras en Boutang (dichters). Steiner (2004) beschrijft deze relaties en spreekt over meester-leerling-relatie. Hierachter wat meer uitspraken daarover:

Opleiding voor kunsten
Op de website van kunst en cultuur in Brussel vonden we de volgende tekst, die de uitdagende docent toelicht en nuanceert:

” De verschillende leertradities in de kunsteducatie
In kunsteducatie zijn er verschillende stijlen, bepaald door de geschiedenis:

  • de meester/leerling traditie: individueel of in kleine groep wordt er gewerkt na een selectie/auditie, het leerproces is lang, vertrekkend vanuit de visie en techniek van de meester. Deze traditie situeert zich vooral in het formele onderwijs en zorgt ervoor dat kunstenaars gevormd worden.
  • de workshop traditie: leren in groep, met minder voorgaande selectie of auditie, vertrekkende vanuit de creativiteit, binnen een niet-formele context.

Beide tradities hebben hun waarde en moeten absoluut behouden worden. Er zijn hierdoor ook twee types kunsteducatoren:

  • de ‘geleidelijke’ educator: kennis wordt stapsgewijs opgebouwd, rekent op zelfsturen, werkt graag veilig en beloont veel, geeft veel inzicht en schematiseert veel. Dit is de ‘verleidelijke leraar’ die je in veel kunsteducatieve organisaties terugvindt.
  • De uitdagende leraar: werkt met sprongen (zorgt voor uitdagingen), probeert veel te confronteren, stuur meer zelf en vraagt dus meer overgave en gaat meer af op de eigen intuïtie.

Er is niet één juiste weg. De verschillende stijlen hebben allemaal hun legitimiteit. De verschillen zijn nodig en nuttig: de verschillende doelen en doelgroepen vragen verschillende leerstijlen”.

Steiner over meester-leerling relaties
George Steiner schrijft over meester-leerling relaties in zijn boek: Het oog van de meester’. Het merendeel van zijn uitspraken geldt ook voor de uitdagende en meedogende vriend. Een paar van zijn uitspraken:

“… serieus lesgeven betekent de vinger leggen op het vitaalste van de mens en toegang zoeken tot de essentie en de kern van de integriteit van een kind of volwassene. Gebrekkig onderwijs, pedagogische routine en een stijl van lesgeven die, bewust of onbewust, cynisch is in zijn louter utilitaire doeleinden, zijn rampzalig … een roeping kan niet op een loonlijst …

… 
Goed onderwijs is slapeloosheid … Slaapwandelaars zijn de natuurlijke vijand van de leraar …Alleen het gesproken woord en persoonlijk contact kunnen waarheid uitlokken en, a fortiori, eerlijk onderwijs garanderen …

… Bevlogen onderwijs een ingewikkelde hybride van liefde en dreiging, van navolgen en afstand nemen, of het nu om ballet, voetbal of papyrologie gaat …

… Wie het goed doet wekt twijfels in de leerling, leert hem een afwijkende mening te hebben. Hij oefent de volgeling in vertrekken (‘verlaat me nu’, gebiedt Zarathustra). Een ware Meester moet aan het slot alleen zijn …

De leraar in de spirituele traditie
Wij vonden op internet de volgende teksten. De tekst beschrijft de houding van de leraar vanuit het perspectief van de uitdagende en meedogende vriend:

“… De leraar-leerling verhouding kan er een van devotie zijn. Dat gaat gepaard met gevoelens van overgave aan het ‘grotere’ door een persoon (de leraar) heen. Voor mij is het een groot geschenk een band met een leraar te hebben gehad. De leraar komt zo diep binnen dat het voor beiden belangrijk is hier zorgvuldig mee om te gaan.

… Echte leraren zijn vriendelijk, vol mededogen, onvermoeibaar in hun verlangen alle wijsheid die zij via hun meesters verworven hebben te delen. Ze blijven altijd bescheiden, laten hun leerlingen nooit in de steek en maken op geen enkele wijze misbruik van hen. Hun leven staat volledig in dienst van het onderricht. Nooit streven zij hun eigen doelen na. Echt vertrouwen kan alleen ontstaan wanneer iemand deze kwaliteiten belichaamt. Je zult merken dat dit vertrouwen de basis van je leven wordt en je houvast geeft in alle moeilijke momenten. In leven en dood.

… Alles wat jij vindt van een leraar is een persoonlijke ervaring. Wat belangrijk is, is wat deze ervaring voor jou betekent. Over het algemeen is de beste vraag die jij jezelf kan stellen: voedt het mij om deze leraar te zien? En dus niet: is het leuk deze leraar te zien? Als het antwoord ja is, ga je naar de bijeenkomsten, is het antwoord nee is dan ga je niet. Het antwoord is waar, zolang het waar is. Daarmee bedoel ik dat je altijd van gedachte kan veranderen”

Verder lezen

* Zie o.a. http://en.wikipedia.org/wiki/Guru over de relatie spirituele vriend en leerling
* George Steiner schreef een boek over meester-leerling relaties in de filosofie, kunsten en wetenschappen. Het heet ‘Het oog van de meester’ en is in 2004 uitgegeven bij de Bezige Bij.