Vriendschap sluiten met onszelf in vier stappen

We kunnen vriendschap met onszelf sluiten door een pad te lopen dat bestaat uit vier stappen. De vier stappen worden hieronder omschreven na een korte inleiding over maskers, rollen en vriendschap. De foto hierboven (uit London) geeft goed weer dat het over een pad hebben, over iets dat we geleidelijk kunnen leren.

Vriendschap voorbij ons masker

Kennen we onszelf? Wat weten we werkelijk over onszelf? Het is lastig om dat vast te stellen mede omdat we gedurende de dag regelmatig van rollen en maskers wisselen afhankelijk van de situaties waarin we verkeren. Met die rollen en maskers proberen we steeds opnieuw te doen ‘alsof we iemand zijn’. Dat is vaak lang niet wie we werkelijk zijn. Zo zetten we soms het masker op van de harde werker en even later die van de aarzelaar. Dan weer gaan we naar onze sociale masker naar het masker van ‘kijk eens hoe intelligent ik ben’. Aan het eind van de dag hebben we soms ons ’het maakt niet uit’ masker op omdat we uitgeput zijn van de dag op de bank kijken naar een niet echt interessant TV-programma of YouTube filmpje.

We zijn gewend om de verschillende maskers te dragen. Daarin hebben we onszelf al die jaren goed getraind. Zo nu en dan echter stellen we ons de vraag wie we werkelijk zijn achter al die rollen die we spelen en maskers die we dragen. Vaak komt dan ook de vraag op of we dat werkelijk willen weten. We weten namelijk niet wat het antwoord op die vraag is. Wellicht valt dat tegen.

Vriendschap

In alle vormen van boeddhisme wordt vriendschap sluiten met onszelf belangrijk gevonden, zelfs noodzakelijk geacht. De meeste boeddhistische tradities gaan er daarbij van uit dat we de ontwikkeling van die vriendschap met name tijdens de beoefening van meditatie realiseren. De reden daarvoor is dat onze meditatie beoefening die vriendschap veronderstelt. Zonder die vriendschap met onszelf lukt de meditatie niet. Dat is gedurende het gehele pad van meditatie het geval.

Vriendschap sluiten met onszelf gaat daarmee over het herkennen en erkennen/accepteren van wie we zijn. Dat is iets anders dan hoe we ons voortdurend vormgeven in de verschillende situaties die zich in ons leven aan ons voordoen. Daar komt bij dat het voortdurend opzetten van de verschillende maskers ons onzeker maakt, ons doet twijfelen, of zelfs maakt dat we onszelf niet goed genoeg vinden. Waarschijnlijk zijn we er daarom zo goed in. Op die manier ziet het er voor anderen prima uit omdat we de juiste dingen op de juiste manier zeggen. Maar van binnen voelt het anders. De reden daarvoor is dat het spel dat we spelen met de wereld niet voldoende gebaseerd is in onszelf maar gebaseerd is op hoe we ons willen tonen. Dat vraagt steeds weer een inspanning. Dat is uitermate vermoeiend. Daarnaast weten we vaak ook niet goed wat we kunnen doen om dat te veranderen.

Het spreekt vanzelf dat juist vanwege onze twijfels en onzekerheid het bijzonder plezierig is wanneer we in de verschillende situaties met onze verschillende maskers erkenning krijgen, dat mensen ons waarderen. Natuurlijk is die erkenning veel en veel beter dan dat ook zij aan ons twijfelen of vinden dat we niet goed genoeg zijn. Op basis van hun positieve opmerkingen kunnen we zelfs in onszelf gaan geloven. Helaas blijkt desondanks vaak dat ons basisgevoel van twijfel of niet goed genoeg zijn niet weg gaan. Dat basisgevoel blijft op de achtergrond een rol spelen en kan op onverwachte momenten te voorschijn komen. Dat gebeurt met name als het ons tegenzit.

Vriendschap voorbij ons masker

De veronderstelling is dat we gelukkiger worden met onszelf wanneer we met name diegene leren kennen die de maskers opzet en met diegene vertrouwd raken: diegene die ons de maskers opzet, is degene zonder masker. Die is wie we zijn.
Dit is een ingrijpende veronderstelling. Deze veronderstelling kent een andere grondslag van vriendschap met onszelf dan de eerder genoemde. Hierboven was de veronderstelling dat we onszelf er geleidelijk van overtuigen dat we goed genoeg zijn; of dat anderen ons helpen er geleidelijk van overtuigd te raken. Hier is de veronderstelling dat vriendschap sluiten met onszelf betekent dat we ons geleidelijk openen voor onszelf, dat we degene die ons masker opzet leren kennen. In de boeddhistische traditie wordt de beoefening van meditatie gezien als één van de belangrijkste beoefeningen waarmee we dit kunnen leren. Als we dat zo doen ontvouwt de vriendschap met onszelf zich natuurlijk en geleidelijk.

Vier stappen

Vriendschap sluiten met onszelf kan in vier stappen. Hieronder worden de vier stappen toegelicht.

De eerste stap: een glimp zien van vriendschap

Het pad naar vriendschap begint op het moment dat we besloten hebben het pad van meditatie te lopen. Dat besluit kunnen we nemen als we ervoor gekozen hebben om momenten te creëren waarop we geen druk op onszelf leggen of eisen aan onszelf stellen en dat anderen dat ook niet doen. Mediteren betekent dat we bereid zijn om gedurende een bepaalde periode eenvoudigweg met onszelf te zitten. Dat ‘eenvoudigweg’ vindt plaats als we weinig om handen hebben (behalve de techniek van meditatie) en als er niemand is waaraan we ons hoeven aan te passen.

Als we besloten hebben dat te doen is de eerste stap daarna om nieuwsgierig te zijn naar wat de beoefening van meditatie ons oplevert. De beoefening van meditatie is erop gericht om al onze gedachten, verwachtingen en opvattingen terug te brengen tot de directe ervaring van moment tot moment. We leren geleidelijk hoe we kunnen rusten in wat ook maar opkomt in onze geest. We krijgen daarbij maar een paar richtlijnen (zie de beoefening van shamatha meditatie op deze website). Er wordt ons verteld dat we zonder oordeel observeren wat er opkomt: we hechten niet aan wat er aan leuks opkomt en wijze niet af wat er aan vervelends opkomt. We leren hoe we ons van onze gedachten kunnen bevrijden door ze los te laten en terug te keren tot de directe ervaring van adem en lichaam. We leren hoe onze emoties ontstaan en we leren ze te laten gaan zonder er te veel aandacht aan te besteden. We leren via de meditatie daarmee om minder aandacht aan al onze opvattingen en gevoelswisselingen te besteden dan we gewend waren. We leren tegelijk om onze directe ervaringen te waarderen. Wanneer we dat doen ontstaat de vriendschap met onszelf. We laten onze opvattingen geleidelijk los en maken de directe ervaring belangrijker. Dat blijkt een prima methode.

Die eerste ervaringen met vriendschap met onszelf zijn niet erg stabiel. Ook duren ze vaak kort. Dat kan maken dat we opnieuw gaan twijfelen of onszelf niet goed genoeg vinden. Op zo’n moment is het goed om ons te realiseren dat onze eerdere ervaringen waardevol zijn, maar dat het ook tijd kost om die ervaringen te stabiliseren. Bovendien moeten we wennen aan het soort vriendschap dat zich hier ontwikkelt. Die heeft een heel andere kwaliteit dan het soort vriendschap waar we aan gewend waren. De vriendschap die zich nu ontwikkelt is vriendschap met onszelf. Die vriendschap houdt in dat we goed genoeg zijn met onszelf. Die vriendschap is niet afhankelijk van aardige opmerkingen van anderen. We hebben genoeg aan onszelf. Dat is even wennen. Zie ook de werkwijze van vriendelijkheid ontwikkelen op deze website.

De tweede stap: kennen en erkennen

Geleidelijk beseffen we dat vriendschap met onszelf werkelijk bestaat en dat we die kunnen realiseren. Dat besef is de grond van het pad van meditatie. Als we dat pad verder op gaan, zullen we steeds meer aspecten van onszelf ontdekken. In de openheid die we creëren door deze zelf-acceptatie komen zowel specifieke herinneringen als verborgen hoeken van onze ervaringen tevoorschijn. Ook ontdekken we tegelijk de grenzen van de vriendschap voor onszelf, evenals de grenzen van de vriendschap met anderen. De reden daarvoor is dat we eerder sommige gevoelens van onszelf wel toelieten maar andere niet. Sommige van die gevoelens bleken zo goed verborgen dat we dachten dat ze er niet meer waren. Door de openheid voor onszelf herkennen we steeds beter wat we met ons meedragen.

Het is goed om met name in het begin onze beschermlagen ook intact te houden. Onze nieuwe openheid is heel pril. Het is goed om te beseffen om de openheid te ervaren, maar er ook voor te zorgen dat het niet te snel te intensief wordt. Wat helpt is dat we steeds meer ontdekken we dat onze heftigere gevoelens van afhouden en heftigere gevoelens van aantrekken zich geleidelijk ontwikkelen tot gevoelens van ‘gewoon’ onaangenaam en ‘gewoon’ aangenaam. Ze worden op die manier minder heftig en zachter. We laden ze immers minder met al onze opvattingen en verhaallijnen. Ze zijn daardoor beter te hanteren.

Er gebeurt meer In de toenemende  openheid. Zo zien we ook de soms beperkte aard van onze vriendschap met anderen. Het lijkt erop dat we door de grotere vriendschap met onszelf kritischer worden over onze vriendschap met anderen. Het lijkt erop dat we door onze zwakke kanten te verzachten, we die zwakke kanten bij anderen beter gaan zien. Anders gezegd: we zien niet alleen meer van onszelf, we zien ook meer wat er om ons heen gebeurt. Het advies is om daarbij vooral de tijd te nemen om niet meteen alle vriendschappen stop te zetten als die ons (tijdelijk?) minder bevallen. Laten we de tijd nemen om ook met de andere inzichten over anderen onze vriendschappen intact te houden. We kunnen daarbij onze meditatie ervaringen inzetten. We hebben in de meditatie geleerd dat het niet gaat om iets kwijt te raken. Het hebben geleerd dat het gaat om het sluiten van vriendschap met wat zich aan ons voordoet. Datzelfde geldt voor de vriendschappen in de omgang met anderen. Waarschijnlijk zullen onze vriendschappen wel in stijl veranderen. Dat gebeurt op natuurlijke wijze als we zelf door een verandering gaan.

De derde stap: zien wat er speelt

Wanneer we ons pad van meditatie vervolgen komen we in contact met dat deel van de geest dat ziet wat we aan gedachten en gevoelens hebben. Dat is het onderdeel van de geest dat ziet dat we maskers opzetten. Dat is het deel van de geest dat ons helpt zien dat we niet gebonden zijn om of dingen aan te trekken of dingen af te stoten. Dat onderdeel van onze geest maakt dat we ontdekken dat we beide kunnen accepteren. Dat onderdeel van onze geest wordt ‘natuurlijk helder gewaarzijn’ genoemd. Het is iets dat we altijd bij ons hebben en dat beschikbaar komt als we ons openen. 

Natuurlijk blijven er altijd gevoelens die we minder graag hebben en die we liever hebben. Maar als we beide kanten accepteren zal blijken dat we beter in staat zijn om ze te veranderen dan wanneer we gefixeerd zijn op één van de twee. Dat komt omdat we meer ontspannen zijn. We zien dan beter wat er is en hoe we daarmee om kunnen gaan.

Met inzichten als deze verlaten we geleidelijk het strijdperk, het slagveld. Waar we vroeger voortdurend gevechten moesten aangaan om vervelende gebeurtenissen van ons af te houden en aardige gebeurtenissen vast te houden, kunnen we nu wat meer ontspannen. Waar we ons vroeger moesten inspannen om ‘gemaskerd’ de situaties aan te gaan is onze behoefte daaraan veel minder. Ook erkennen we onze vervelende situaties beter en gaan we er accepterender mee om. En hoe meer acceptatie er is, hoe vrijer we ons voelen, hoe minder we te verbergen hebben, hoe lichter we worden, en hoe gemakkelijker het wordt om de vriendschap met onszelf en met de mensen om ons heen te versterken. De dingen worden zo minder persoonlijk. Ook worden we minder moe omdat we minder te verbergen hebben. Met de ontwikkeling van onze vriendschap voor onszelf en anderen gaan de dingen natuurlijker.

De vierde stap: vriendschap en mededogen

De vriendschap met onszelf blijft zich ontwikkelen. Dan zal blijken dat, nu we meer open en ontspannen zijn, we meer verbinding krijgen met de mensen om ons heen. Met de ontwikkeling van onze openheid, open we ook ons hart meer voor anderen. Dat blijkt redelijk eenvoudig en natuurlijk, nu we zelf een deel van het pad doorlopen hebben. Vanuit de acceptatie van onszelf ontstaat er als vanzelf ook belangstelling voor anderen. Vanuit de openheid die gepaard gaat met onze vriendschap met onszelf, zien we meer bij de anderen. Als we dat zien kunnen we meer voor de ander doen. Dat gaat dan vaak als vanzelf. Dat noemen we mededogen. Zie onder andere de werkwijzen van vrijgevig zijn; mededogen in actie; goed in het begin, midden en einde; en de uitdagende en meedogende vriend(in) op deze website. 

Deze tekst is geïnspireerd door verschillende teksten in Lion’s Roar, 2019. Met name een tekst van Judith Lief speelde een belangrijke rol.